Home

Gerechtshof Amsterdam, 01-08-2024, ECLI:NL:GHAMS:2024:2166, 23-001243-23

Gerechtshof Amsterdam, 01-08-2024, ECLI:NL:GHAMS:2024:2166, 23-001243-23

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
1 augustus 2024
Datum publicatie
6 augustus 2024
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2024:2166
Zaaknummer
23-001243-23

Inhoudsindicatie

Economische zaak. Asbestverwijderingsbesluit. Het hof bevestigt het vonnis waarin de verdachte is vrijgesproken. Verdachte heeft een dakkapel laten verwijderen, zonder eerst een asbest inventarisatierapport te laten opmaken. Het hof is, met de rechtbank, van oordeel dat redelijkerwijs niet te verwachten was dat in deze dakkapel asbest was toegepast.

Uitspraak

Afdeling strafrecht

Parketnummer: 23-001243-23

Datum uitspraak: 1 augustus 2024

TEGENSPRAAK

Arrest van de economische kamer van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de economische politierechter in de rechtbank Amsterdam van 7 april 2023 in de strafzaak onder parketnummer 81-170982-22 tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1958,

adres: [adres] .

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van

18 juli 2024 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.

Het openbaar ministerie heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte naar voren heeft gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:

Hij op of omstreeks 28 oktober 2021 te Amstelveen, althans in Nederland, al dan niet opzettelijk, (de dakkapel van) een pand gelegen aan de [adres] , althans een bouwwerk als bedoeld in de Woningwet, waarin naar redelijke verwachting asbest of een asbesthoudend product was toegepast, geheel of gedeeltelijk heeft doen afbreken en/of uit elkaar doen nemen, terwijl hij, verdachte, er geen zorg voor heeft gedragen dat met betrekking tot dat bouwwerk, dan wel het gedeelte daarvan ten aanzien waarvan de handeling werd verricht, een asbestinventarisatie werd verricht en/of een asbestinventarisatierapport werd opgesteld, en/of er geen zorg voor heeft gedragen dat [bedrijf] beschikte met betrekking tot dat bouwwerk, over een asbestinventarisatierapport als bedoeld in artikel 1 onder b van het Asbestverwijderingsbesluit 2005, dat ten behoeve van die handelingen was opgesteld.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd, met dien verstande dat het hof de overwegingen van de economische politierechter vervangt door eigen overwegingen.

Standpunt van de advocaat-generaal

Vrijspraak

BESLISSING