Wat zijn rechten OR bij wijziging samenstelling MT?
Wat zijn rechten OR bij wijziging samenstelling MT?
Gegevens
- Nummer
- 2026/4
- Publicatiedatum
- 26 januari 2026
- Auteur
- Redactie
- Rubriek
- Vraag en antwoord
- Trefwoorden
- inspraak OR, benoeming MT-lid, art. 30 WOR, art. 25 WOR
Vraag
Onze directie is voornemens om een wijziging in het managementteam (MT) door te voeren. Hoofdreden hiervoor is dat een lid (manager sales/marketing) langdurig ziek is. De directie stelt iemand aan die nu nog niet deel uitmaakt van het MT (dus uitbreiding MT) en het nieuwe lid binnen het MT krijgt dezelfde taken als de langdurig zieke.
Onze directie is van mening dat dit geen belangrijke wijziging is, want er verandert organisatorisch niets en zij wil daarom ook niets weten van een adviesaanvraag. Wij vinden deze positie binnen het MT dermate belangrijk dat wij vinden dat er een adviesaanvraag over moet komen. Wat zijn onze rechten hierin?
Antwoord
De WOR kent geen rechten toe aan de OR als het gaat om de benoeming van personen, met uitzondering van benoeming en ontslag van de bestuurder (art. 30 WOR). Hier betreft het echter een lid van het MT en het staat de directie vrij om daarin mensen te benoemen, zoals in dit geval ter vervanging wegens ziekte.
Misschien denk je aan art. 25 lid 1 sub e WOR, waar de OR dient te adviseren over elk voorgenomen besluit tot een belangrijke wijziging in de bevoegdheden van de onderneming. Daar zien we in dit voorbeeld geen noodzaak toe en delen we de opvatting van de directie. Als de OR een andere mening is toegedaan, dan moeten jullie gemotiveerd aangeven, waarom deze benoeming een belangrijke wijziging in de verdeling van bevoegdheden in de onderneming betekent. Let wel: je kunt hierbij niet betogen dat een ander persoon deze bevoegdheden gaat uitvoeren.
Als OR kun je daarom alleen gebruik maken van de bevoegdheden, die je op grond van art. 23 en 24 WOR hebt: het recht op overleg. Je kunt op grond van art. 23 lid 2 WOR in de overlegvergadering alle aangelegenheden die de onderneming betreffen aan de orde stellen en daarover voorstellen doen en standpunten kenbaar maken. Als je de voorstellen op schrift indient (art. 23 lid 3 WOR: het initiatiefrecht) is de directie verplicht hierop met argumenten te reageren. Zie ook het item over initiatiefrecht in Inzicht in OR Online. Of dat tot een ander standpunt van de directie zal leiden, moet dan blijken.
Voor meer achtergrond: