Wijziging vergoeding voor avondmaaltijden instemmingsplichtig?
Wijziging vergoeding voor avondmaaltijden instemmingsplichtig?
Gegevens
- Nummer
- 2026/15
- Publicatiedatum
- 17 april 2026
- Auteur
- Redactie
- Rubriek
- Vraag en antwoord
- Trefwoorden
- artikel 32 WOR, medewerkershandboek
De redactie van Inzicht in de OR geeft antwoord op de vraag of het nodig is om een wijziging in de vergoeding voor avondmaaltijden in de OR te bespreken.
Vraag
Ik vroeg mij af of het nodig is om een wijziging ten opzichte van het medewerkershandboek in de OR te bespreken in verband met declaratie van avondmaaltijden.
Voorheen hadden we € 15 exclusief bezorging door middel van een declaratie, nu kunnen we ook zakelijk op rekening bestellen. Dit is nu vastgelegd op € 17 inclusief bezorgen, daarnaast blijft de declaratie mogelijkheid in stand. Onder de streep blijft declaratie het interessant gezien de stijging van bezorgkosten afgelopen jaren. Ook vanwege het feit dat je gemiddeld in de avonddienst week € 15 mag besteden en dus op sommige dagen van een actie kan profiteren, iets wat natuurlijk niet te doen is met een zakelijk account (denk ik). Ik weet ook niet of deze mogelijkheid van zakelijk declareren voor andere Business Units gaat gelden, maar ik neem aan dat dit kan, als men een account aanmaakt.
Dus concreet: dient dit ook aan de OR voorgelegd te worden? Ik dacht van wel, gezien het niet gaat om iets individueels en dat er een proces in combinatie met de hoogte van het bedrag wijzigt omdat er een optie bijkomt?
Antwoord
Je vraagt naar de rol van de OR bij een wijziging van het medewerkershandboek rond de maaltijdvergoeding.
De WOR biedt geen aanknopingspunten voor een specifieke rol voor de OR op dit punt. Het instemmingsrecht van art. 27 WOR voorziet immers niet in het recht van de OR om in te stemmen met een regeling voor onkostenvergoedingen, van welke aard dan ook. Wel is het mogelijk dat de OR moet instemmen met een wijziging van het medewerkershandboek. Een dergelijk recht zou dan moeten worden vermeld in dat handboek zelf (bij de bepalingen hoe dat handboek kan worden gewijzigd) of zijn vastgelegd in een aparte ondernemingsovereenkomst (art. 32 WOR).
Als dat niet het geval is, dan kan de OR natuurlijk gebruik maken van zijn overlegrecht (over ‘de aangelegenheden, de onderneming betreffende, waarvan de OR (...) het wenselijk acht het overleg te voeren’ – art. 23 WOR) en eventuele argumenten en overwegingen daar aan de orde stellen. De ondernemer dient daar gemotiveerd op te reageren. Maar, er is geen verplichting voor hem om dit aan de orde te stellen.
Voor meer achtergrond: