COR politie voelt zich overvallen door snelle ingrepen: ‘onbestaanbaar’

14 september 2021

De politie is bezig om diep in te grijpen in de financiën, om te voorkomen dat tekorten verder uit de hand lopen. COR-voorzitter Loes Thissen is er verontwaardigd over dat de eerste maatregelen al genomen zijn voordat de COR het onderliggende rapport had. Eind deze maand gaat de COR dat uitpraten met de korpsleiding.

Uitgedijd

AD-verslaggever Koen Voskuil berichtte op 2 september als eerste over de financiële situatie waarin de Nationale Politie verkeert. Hij had inzage gehad in een rapport dat een Taskforce Ombuigingen in juli heeft uitgebracht. Daaruit blijkt dat de politie echt beter op de centen moet letten. Zo is de staf ongecontroleerd uitgedijd: geen 416 fte, maar 647 fte. Ook de Politieacademie en het Politie Diensten Centrum zijn volgens de Taskforce groter dan de middelen toelaten.

Voor dit jaar dreigde een tekort van 157 miljoen, en dat is veel meer dan eerder bekend was. Enkele snelle ingrepen moeten ervoor zorgen dat dit met circa een derde wordt teruggebracht. Het inkoopbudget is verlaagd en er is een vacaturestop afgekondigd voor ondersteunende functies. Ook is al besloten om in te teren op het eigen vermogen. Voor het komende jaar liggen er nog driehonderd andere voorstellen.

Operationele functies en uitgaven worden ontzien. Niettemin waren de eerste reacties op het nieuws fel. Er is weinig tot geen begrip voor bezuinigingen op veiligheid en misdaadbestrijding.

Wel en niet verrast

COR-voorzitter Loes Thissen verwijst desgevraagd eerst naar de politiek, die volgens haar verantwoordelijk is voor ‘onderfinanciering’. De COR heeft daar al jaren aandacht voor gevraagd. ‘Als je maar op incidenten blijft sturen, taken op taken blijft stapelen en nooit zegt wat er vanaf kan, moet je niet verbaasd zijn als de politie uiteindelijk door het ijs zakt.’

Dat neemt niet weg, erkent ze onmiddellijk, dat het overschrijden van budgets uiteindelijk altijd problemen oplevert. Vooral als blijkt dat het zicht op de financiën verloren is gegaan, zoals hier het geval lijkt te zijn. ‘Als COR hebben wij in het verleden altijd geïnformeerd naar de financiële onderbouwing van voorgenomen besluiten, maar misschien hadden we dat nog harder moeten doen. Tegenwoordig is het de allereerste vraag die we stellen.’ Thissens antwoord op vragen hierover komt erop neer dat de COR al langere tijd van problemen afwist, maar toch verrast is door de omvang. En door de eerste maatregelen.

‘Pislink’

Dat laatste zit Thissen het hoogst. Aanvankelijk zegt ze nog dat het interen op het eigen vermogen en het instellen van een inkoop- en een vacaturestop niet per se op de weg van de medezeggenschap hoeven te liggen. ‘Zo hebben we dat in elk geval niet gezien, in de grote snelheid waarmee dingen gebeurden.’ Maar die snelheid vindt ze een groot probleem.

‘Eind september gaan we met de korpschef over de gang van zaken praten. De COR heeft het rapport van de Taskforce op 5 augustus formeel gekregen. De eerste maatregelen waren toen al genomen. Ik was daar pislink over en zit er nog steeds mee in mijn maag. We hebben hier een goede relatie tussen COR en bestuurder. Juist daarom vind ik het onbestaanbaar dat je de COR niet al vroeg inseint en vraagt om mee te denken over wat er moet gebeuren. Wij hebben, in vakantietijd, vier weken gezeurd om formele overhandiging van het rapport. Als dat eerder was gebeurd, was dat beter geweest voor het draagvlak van maatregelen.’

Thissen laat er geen misverstand over bestaan dat het laatste woord hierover nog niet is gezegd, vooral ook omdat er zoveel op het spel staat. Die samenvatting onderschrijft ze volledig: ‘Dit is zó significant.’

Een woordvoerder van de korpsleiding zegt desgevraagd dat de communicatie beter had gekund. Daar gaat over gesproken worden.

Voor meer achtergrond: Financieel-economische informatie

Redactie Inzicht 14-9-2021