Wel instemmingsrecht bij wijziging wachtdienst
Wel instemmingsrecht bij wijziging wachtdienst
Gegevens
- Nummer
- 2025/61
- Publicatiedatum
- 4 november 2025
- Auteur
- Redactie
- Rubriek
- Uitspraak
- Trefwoorden
- wachtdienstregeling, instemmingsrecht, wijziging beloningssysteem
Feiten
Waternet is de uitvoeringsorganisatie voor drinkwater, afvalwater en watersystemen in Amsterdam en omliggende gebieden. De ondernemingsraad kreeg eind 2024 een voorstel voor een nieuwe wachtdienstregeling. De belangrijkste wijziging: de wachtdienstvergoeding wordt niet langer maandelijks vooraf uitgekeerd als een vast bedrag, maar achteraf op realisatiebasis – nadat de wachtdienst is gelopen.
De OR stemde gedeeltelijk in en weigerde onder meer met de betaling op realisatiebasis. De ondernemer laat weten dat er geen instemming van de OR nodig is omdat de uitbetaling van de wachtdiensten op realisatiebasis al in de cao geregeld is.
De OR vorderde bij de kantonrechter het instemmingsrecht en verzocht uitvoering van de nieuwe regeling te verbieden. Waternet vroeg vervangende toestemming.
Beoordeling
Volgens de rechtbank is er op grond van de wet sprake van instemmingsrecht: het gaat om wijziging van het beloningssysteem en daarmee valt het besluit onder art. 27 lid 1 sub c WOR.
De kern van het oordeel is dat de nieuwe uitbetalingswijze werknemers substantieel kan benadelen. Door betaling op realisatiebasis vervallen doorbetaling bij ziekte of vakantie, fluctueren maandinkomens en ontstaan onzekerheden rond pensioenopbouw en hypotheekaanvragen. Waternet kon niet aannemelijk maken dat een vaste maandelijkse betaling onmogelijk of verboden was.
De kantonrechter oordeelt dat de OR in dit geval niet onredelijk is geweest en er wordt daarom geen vervangende toestemming gegeven. Waternet mocht de regeling niet uitvoeren en werd in de proceskosten veroordeeld.
Commentaar
Een wijziging van de wijze van uitbetalen van arbeidsvoorwaarden kan je kwalificeren als een wijziging van het beloningssysteem en is dan dus instemmingsplichtig. Ga daarbij wel na of de cao de regeling volledig bepaalt, want in dat geval vervalt het instemmingsrecht. Als de bestuurder toch doorzet, biedt deze uitspraak houvast voor een gang naar de rechter.
Belangrijk is ook dat de OR bij deze gedeeltelijke instemming duidelijk heeft vastgelegd wat de voorwaarden hierbij zijn. Op die manier was óók voor de rechter klip en klaar waarover de OR akkoord was en waar niet.
Rechtbank Amsterdam, 04-09-2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:6500
Peer van den Bouwhuijsen
Voor meer achtergrond: